ECLI:NL:CRVB:2004:AR8129
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens niet gemeld vermogen aan sieraden
Appellanten vroegen bijstand aan en verklaarden geen sieraden te bezitten, waarna bijstand werd toegekend. Later bleek uit een huisbezoek en verklaringen dat zij sieraden ter waarde van circa 50.000 gulden bezaten, wat het vrij te laten vermogen oversteeg. Dit werd niet gemeld bij de aanvraag, waardoor de bijstand ten onrechte werd verleend.
De gemeente Heerenveen trok de bijstandsuitkering in en vorderde de onterecht ontvangen bedragen terug. Appellanten maakten bezwaar en stelden onder meer dat de waarde van de sieraden lager was dan door de gemeente aangenomen, en dat de waarde in Surinaamse guldens was bedoeld. De Raad achtte deze stellingen ongeloofwaardig en vond dat de gemeente terecht de bijstand introk en terugvorderde.
De Raad oordeelde dat appellanten de inlichtingenverplichting uit de Algemene bijstandswet niet waren nagekomen en dat er geen dringende redenen waren om van intrekking en terugvordering af te zien. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering worden bevestigd wegens het niet melden van vermogen aan sieraden.