ECLI:NL:CRVB:2003:AI0640
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Vermogenstoets bij schenking onder bewind in bijstandsuitkering
Appellant ontving een schenking van f 75.000,- onder bewind van zijn grootmoeder, die na haar overlijden opeisbaar werd. Appellant vroeg een bijstandsuitkering aan, maar deze werd geweigerd omdat hij volgens het College beschikte over vermogen boven de grens van f 9.700,-. De rechtbank stelde dat appellant redelijkerwijs over de schenking kon beschikken en wees het beroep af.
In hoger beroep stelde de Centrale Raad van Beroep vast dat appellant feitelijk niet over de schenking kon beschikken omdat de bewindvoerder, tevens zijn oom, geen kapitaaluitkeringen wilde doen uit vrees dat het geld aan drugs zou worden besteed. Hierdoor was het vermogen niet vrij beschikbaar voor appellant.
De Raad vernietigde het besluit van 12 februari 1999 en bepaalde dat het College een nieuw besluit moest nemen, waarbij rekening gehouden moet worden met de feitelijke situatie en de mogelijkheid dat appellant juridische stappen moet ondernemen om over het geld te kunnen beschikken. Tevens werd het College veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van bijstand wordt vernietigd omdat appellant niet redelijkerwijs over de schenking onder bewind kon beschikken.