ECLI:NL:CRVB:2003:AF7879
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- H.J. Simon
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering WAO-uitkering wegens niet-tijdig beslissen
Appellant, werkzaam als kabeltrekker, vroeg een WAO-uitkering aan na arbeidsongeschiktheid wegens long- en buikklachten. Het UWV weigerde de uitkering per 7 juni 1999 omdat appellant minder dan 15% arbeidsongeschikt werd geacht. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat zijn beperkingen werden onderschat en dat het UWV onredelijk lang deed over de beslissing, waardoor hij benadeeld werd.
De Raad oordeelde dat het medisch en arbeidskundig onderzoek juist was en dat appellant geschikt was voor de geselecteerde lichte functies. Wel stelde de Raad vast dat het UWV de wettelijke beslistermijn van dertien weken had overschreden, waardoor het besluit niet tijdig was genomen. Dit was in strijd met het Besluit beslistermijnen sociale verzekeringswetten.
De Raad vernietigde het besluit voor zover het betrekking had op het niet-tijdig beslissen, verklaarde het bezwaar en beroep gegrond op dat punt, en veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten. Het overige deel van het beroep bleef ongegrond. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd wegens niet-tijdig beslissen en appellant krijgt proceskosten vergoed.