ECLI:NL:CRVB:2002:AE6888
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- A. Beuker-Tilstra
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over dienstongeval bij verkeersongeval tijdens werkrit
Appellante was werkzaam als medewerkster bij een gemeentelijke dienst en raakte tijdens een werkrit met een dienstauto betrokken bij een verkeersongeval waarbij zij whiplashletsel opliep. De gemeente Utrecht stelde dat het ongeval geen dienstongeval was omdat het niet in causaal verband stond met haar werkzaamheden, waardoor appellante geen recht had op volledige bezoldiging bij ziekte en aanvullende vergoedingen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar in hoger beroep oordeelde de Centrale Raad van Beroep anders. De Raad stelde vast dat het halen van gebak met gebruik van de dienstauto tot de werkzaamheden behoorde en dat appellante door deelname aan het wegverkeer een verhoogd risico liep dat zich in het ongeval had gemanifesteerd. Omdat het ongeval niet aan schuld of nalatigheid van appellante te wijten was, kwalificeerde het als dienstongeval.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en bepaalde dat de gemeente Utrecht opnieuw op bezwaar moet beslissen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd de gemeente veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellante.
Uitkomst: Het besluit dat het verkeersongeval geen dienstongeval was, wordt vernietigd en de gemeente Utrecht moet opnieuw op bezwaar beslissen.