Het College van Beroep voor het bedrijfsleven behandelde het verzet van meerdere ondernemingen en de minister van Klimaat en Groene Groei tegen een eerdere uitspraak waarin dwangsommen waren vastgesteld wegens niet tijdig beslissen op bulkaanvragen in het kader van de Tijdelijke subsidieregeling tegemoetkoming blokaansluitingen (TTB).
De ondernemingen betoogden dat de dwangsommen onjuist waren vastgesteld omdat een bulkaanvraag een bundeling van meerdere individuele aanvragen betreft en de dwangsommen daarom per individuele beschikking berekend moesten worden. Het College oordeelde dat een redelijke uitleg van artikel 4:17, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) meebrengt dat een bulkaanvraag als één TTB-aanvraag moet worden beschouwd, waardoor de dwangsommen correct waren vastgesteld.
De minister had aanvankelijk betoogd dat de beslistermijn was verlengd en dat er dus geen grond was voor dwangsommen, maar heeft dit standpunt op de zitting verlaten, waardoor het College het verzet van de minister niet-ontvankelijk verklaarde.
Ten slotte overwoog het College dat de proceskostenveroordeling tegen de minister ten onrechte was opgelegd aan ondernemingen die geen rechtsbijstand ontvingen van een jurist of rechtsbijstandsverlener, maar dit buiten het geding viel omdat de minister dit niet had bestreden.