ECLI:NL:CBB:2024:722
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking subsidie vaste lasten financiering COVID-19 wegens onvoldoende omzetverlies
De minister heeft de subsidie voor vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor het derde kwartaal van 2021 aan de onderneming ingetrokken wegens het niet voldoen aan het vereiste van minimaal 30% omzetverlies, gebaseerd op gegevens van de Belastingdienst.
De onderneming voerde aan dat sprake was van een kennelijke fout in de tenaamstelling van de subsidieaanvraag, omdat de aanvraag per abuis op haar naam was ingediend in plaats van op naam van de werkmaatschappij binnen de fiscale eenheid die daadwerkelijk het omzetverlies leed. Het verzoek tot wijziging van de tenaamstelling werd echter afgewezen vanwege te late indiening en het feit dat de aanvraag met het eigen KvK-nummer en eHerkenning was gedaan.
Het College oordeelt dat de minister terecht heeft gehandeld bij het weigeren van de wijziging en het intrekken van de subsidie, waarbij het evenredigheidsbeginsel niet is geschonden. De subsidie moet worden toegekend aan de onderneming die daadwerkelijk voldoet aan de voorwaarden, en het feit dat een andere onderneming binnen de fiscale eenheid wel in aanmerking zou komen, rechtvaardigt geen afwijking.
Het beroep van de onderneming wordt daarom ongegrond verklaard en de terugvordering van het betaalde voorschot blijft gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van de onderneming tegen de intrekking van de TVL-subsidie wordt ongegrond verklaard.