Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
[naam 1] B.V., te [woonplaats] (het bedrijf),
Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Procesverloop
Overwegingen
- het verblijf voor één dier of per paar minimaal 20 m² groot is waarvan tenminste 50% van het oppervlakte uit een watergedeelte bestaat waarin de otters kunnen zwemmen. Dit watergedeelte moet een minimumdiepte van 50 cm hebben;
- het verblijf is voorzien van verrijkingsmaterialen zoals bijvoorbeeld klimtakken, holle boomstammen, wortels, strobalen, stenen, rotsen en natuurlijke vegetatie. Daarnaast moet het verblijf een binnenverblijf hebben van 6 m² per paar met een verwarmd gedeelte, wanneer de temperatuur onder de 10°C komt.
- het buitenverblijf voor één dier of per paar minimaal 50 m² groot is en daarnaast een binnenverblijf aanwezig is van minimaal 20m². Voor ieder extra volwassen dier dient de oppervlakte met 10% vergroot te worden;
- het verblijf is voorzien van klimtakken van diverse dikten en de bodem uit zand of grond bestaat.
- de ‘Gutachten über Mindestanforderungen an die Haltun von Säugetieren’ opgesteld door het Duitse ‘Bundesministerium für Ernährung und Landwirtschaft’(Duitse minimumeisen);
- de ‘Verordnung der Bundesministerin für Gesundheit über die Haltung von Wirbeltieren, die nicht unter die 1. Tierhaltungsverordnung fallen, über Wildtiere, die besondere Anforderungen an die Haltung stellen und über Wildtierarten, deren Haltung aus Gründen des Tierschutzes verboten ist (2. Tierhaltungsverordnung)’(Oostenrijkse regelgeving);
- de ‘Summary of Husbandry Guidelines for Asian Small-clawed Otters in captivity’ (otterrichtlijn).