ECLI:NL:CBB:2022:178
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen last onder dwangsom wegens overtreding dierenwelzijnsregels
Op 13 februari 2020 voerde de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit een inspectie uit bij appellant, waarbij overtredingen van dierenwelzijnsregels werden vastgesteld. Verweerder legde op 3 juni 2020 een last onder dwangsom op wegens onvoldoende voer, ongeschikte voervoorzieningen en gevaarlijke behuizing voor de schapen. Appellant voerde aan dat de overtredingen waren opgeheven en dat het rapport onvoldoende onderbouwd was.
Het College oordeelt dat het rapport van bevindingen een gedetailleerde en deugdelijke onderbouwing bevat en dat de overtredingen daadwerkelijk zijn vastgesteld. De stellingen van appellant dat de overtredingen waren opgeheven of dat de last disproportioneel is, worden verworpen. Ook de bouw van een nieuwe stal leidt niet tot het vervallen van de last, omdat deze stal nog niet in gebruik is genomen.
Het College bevestigt de bevoegdheid van verweerder om handhavend op te treden en de last onder dwangsom te handhaven. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom wordt ongegrond verklaard en de last blijft gehandhaafd.