ECLI:NL:CBB:2019:564
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Beoordeling fosfaatrecht en knelgevallenregeling bij jongvee-opfokbedrijf
Appellante exploiteert een jongvee-opfokbedrijf en deed beroep op de knelgevallenregeling van artikel 23, zesde lid, van de Meststoffenwet (Msw) vanwege tijdelijke onderbreking van haar bedrijfsvoering door noodopvang van jongvee van buren wiens stal was vernield door stormschade.
Het College oordeelt dat de knelgevallenregeling alleen ziet op bouwwerkzaamheden aan stallen op het eigen bedrijf en niet op die van derden, waardoor appellante geen geslaagd beroep kan doen op deze regeling. Daarnaast wordt het beroep op artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM (recht op eigendom) verworpen, omdat het belang van appellante niet zwaarder weegt dan het milieubeschermingsbelang van het fosfaatrechtenstelsel.
Het bestreden besluit is in strijd met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht niet deugdelijk gemotiveerd, maar dit gebrek wordt gepasseerd omdat appellante hierdoor niet is benadeeld. Het beroep wordt ongegrond verklaard, het verzoek om schadevergoeding afgewezen, en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellante.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het fosfaatrecht van 329 kg wordt bevestigd.