Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de meervoudige kamer van 21 augustus 2018 in de zaken tussen
[naam] , appellant
de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, verweerder
Procesverloop
Motivering
.
- is er sprake van een ‘possession’ (eigendom) in de zin van deze bepaling; en
- is er sprake van ‘interference’, dat wil zeggen ontneming of regulering van het
- of de inbreuk ‘lawful’ is, dat wil zeggen bij wet voorzien;
- of de inbreuk dient ter bevordering van het ‘general interest’, dat wil zeggen of zij een algemeen belang dient; en
- of een ‘fair balance’, dat wil zeggen een redelijk evenwicht bestaat tussen de eisen van het algemeen belang en de bescherming van de fundamentele rechten van het individu.
- dat tussen 1 januari 2014 en 2 juli 2015 onomkeerbare financieringsverplichtingen zijn gedaan in de uitbreiding van de stalcapaciteit van het bedrijf of in de bij het bedrijf behorende grond en dat de omvang van deze verplichting tenminste een bepaald percentage van zijn balanstotaal op 1 januari 2014 bedroeg. Het balanstotaal moet worden bepaald op een bedrijfseconomische waardegrondslag;
- welk deel van die investering op 2 juli 2015 onbenut was. Om te voorkomen dat onbenutte capaciteit van voor 1 januari 2014 ook kan worden gecompenseerd in de knelgevallenvoorziening, moet de melkveehouder ook de benutting van zijn productiemiddelen (stalcapaciteit en grond) op 1 januari 2014 aantonen.