ECLI:NL:CBB:2017:302
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.L. van der Beek
- R.R. Winter
- H.O. Kerkmeester
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen randvoorwaardenkorting wegens niet-emissiearm aanwenden van mest
Appellant heeft in 2015 rechtstreekse betalingen aangevraagd en ontving een randvoorwaardenkorting van 20% vanwege het niet-emissiearm aanwenden van rundveedrijfmest op een perceel. De controle door NVWA-inspecteurs toonde aan dat mest met een sleepslangbemester werd uitgereden op nat perceel, waarbij mest niet in sleufjes werd gebracht zoals voorgeschreven.
Verweerder stelde dat sprake was van opzettelijke niet-naleving, mede omdat appellant onvoldoende toezicht hield en instructies gaf aan de loonwerker. Appellant betwistte de toerekening en stelde dat hij pas laat een controleverslag ontving, maar het College oordeelde dat de wettelijke termijnen en het verdedigingsbeginsel niet waren geschonden.
Het College verwees naar EU-recht en jurisprudentie dat opzettelijke niet-naleving ook wordt aangenomen als de steunontvanger het risico bewust aanvaardt, ook bij handelen door een derde. Gezien de natte omstandigheden had appellant de loonwerker moeten instrueren niet uit te rijden of toezicht houden. De opgelegde korting van 20% was proportioneel en gebaseerd op EU-verordening. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de randvoorwaardenkorting van 20% wegens niet-emissiearm aanwenden van mest wordt ongegrond verklaard.