ECLI:NL:CBB:2016:413
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- J.L.W. Aerts
- E.R. Eggeraat
- J.L. Verbeek
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen boete in executieveilingenkartel wegens termijnoverschrijding
Het geschil betreft een boete van €71.000,-- opgelegd door de Autoriteit Consument en Markt (ACM) aan appellant wegens overtreding van artikel 6 van Pro de Mededingingswet bij aankoop van onroerende zaken op executieveilingen. Het primaire besluit is op 7 januari 2013 per aangetekende post aan appellant verzonden, maar werd ongeopend retour ontvangen. Hoewel ACM meerdere pogingen deed het besluit alsnog te bezorgen, werd het bezwaar pas op 7 oktober 2013 ingediend, ruim na de wettelijke termijn van zes weken.
Appellant voerde aan het besluit niet te hebben ontvangen en stelde dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege persoonlijke omstandigheden gerelateerd aan een justitieel onderzoek. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de verzending rechtsgeldig was en de termijnoverschrijding niet verschoonbaar.
In hoger beroep bevestigt het College dat het besluit rechtsgeldig is bekendgemaakt door toezending aan het juiste adres, ook al werd het stuk retour ontvangen. De bezwaartermijn begon derhalve op 8 januari 2013. Het College acht de omstandigheden van appellant onvoldoende om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. De weigering of het niet ophalen van het aangetekende stuk komt voor risico van appellant. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de boete is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn zonder verschoonbare omstandigheden.