ECLI:NL:CBB:2016:143
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.C. Stam
- E.R. Eggeraat
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Verzoek om opvragen Duitse TSO-gegevens is feitelijke handeling en niet appellabel
Gasunie Transport Services B.V. (GTS) verzocht de Autoriteit Consument en Markt (ACM) om de Bundesnetzagentur (BNetzA) te vragen gegevens van Duitse Transmission System Operators (TSO's) te verstrekken aan een door GTS aangewezen deskundige voor een tegenonderzoek. ACM weigerde dit verzoek en verklaarde het bezwaar van GTS niet-ontvankelijk.
Het geschil draait om de vraag of het verzoek kwalificeert als een aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), waarop een besluit volgt, of als een feitelijke handeling die niet appellabel is. Het College stelt vast dat het verzoek een feitelijke handeling betreft, omdat het gaat om het daadwerkelijk doen van een verzoek om informatie en niet om het nemen van een publiekrechtelijke rechtshandeling.
De ACM is bevoegd op grond van artikel 6b van de Instellingswet ACM om de BNetzA om informatie te verzoeken. Het College oordeelt dat het gebruik van deze bevoegdheid door het doen van het verzoek een niet appellabele feitelijke handeling is. Hierdoor is het bezwaar tegen de weigering om het verzoek in te willigen terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Het beroep van GTS wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een kostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door het College van Beroep voor het bedrijfsleven op 18 mei 2016.
Uitkomst: Het beroep van GTS wordt ongegrond verklaard omdat het verzoek om opvragen Duitse TSO-gegevens een feitelijke handeling betreft en niet appellabel is.