ECLI:NL:CBB:2010:BN0409
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kennelijke fout bij aanvraag bedrijfstoeslag GLB-inkomenssteun 2008
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarbij het bezwaar tegen de vaststelling van de bedrijfstoeslag 2008 ongegrond werd verklaard. De kern van het geschil betreft de vraag of sprake is van een kennelijke fout in de aanvraag, waardoor wijziging na de uiterste indieningsdatum mogelijk zou zijn.
Het College overweegt dat wijziging alleen mogelijk is bij een kennelijke fout als bedoeld in artikel 19 van Pro Verordening (EG) nr. 796/2004. Daarbij moet de fout onopzettelijk zijn, de landbouwer te goeder trouw en zonder bedrog handelen. Het College volgt het gehanteerde werkdocument van de Europese Commissie dat stelt dat een fout alleen kennelijk is als deze bij een summier onderzoek direct opvalt.
In casu heeft appellante slechts een deel van haar toeslagrechten aangevraagd, terwijl zij over meer hectares beschikt. Het College oordeelt echter dat het niet aan de verweerder is om zich in de motieven van appellante te verdiepen en dat het verschil niet zodanig groot is dat het direct had moeten opvallen. Ook is het niet onredelijk dat niet alle percelen zijn opgegeven. De aanvraag bevat geen kennelijke fout.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot afwijzing van wijziging van de toeslagaanvraag is ongegrond verklaard.