ECLI:NL:CBB:2008:BH2575
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- E.R. Eggeraat
- M.A. van der Ham
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Beoordeling afwijzing energie-investeringsaftrek voor nieuwe scheepsmotor
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen besluiten van de Minister van Economische Zaken waarin hun aanvragen voor energie-investeringsaftrek (EIA) voor de hermotorisatie van een binnenvaartschip werden afgewezen. De afwijzing was gebaseerd op het oordeel dat de investering niet voldeed aan de vereiste energiebesparing van minimaal 0,4 Nm³ aardgasequivalent per jaar per geïnvesteerde euro.
De Minister had het historisch energieverbruik van de oude motor berekend op basis van bunkergegevens, draaiuren en een schatting van het brandstofverbruik van andere installaties. Voor het nieuwe bedrijfsmiddel werd het verbruik geschat op basis van fabrieksgegevens, waarbij praktijkcijfers niet werden meegenomen vanwege variabelen zoals vaarsnelheid en beladingsgraad. Appellanten stelden dat de werkelijke verbruikscijfers van de nieuwe motor gebruikt hadden moeten worden.
Het College oordeelde dat de Minister terecht was uitgegaan van een schatting op basis van testprotocollen en het historisch verbruik, gezien de variabelen die het brandstofverbruik beïnvloeden en de beperkte beschikbaarheid van praktijkgegevens. De berekeningen van de Minister waren consistent en aannemelijk, en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de energie-investeringsaftrek voor de nieuwe scheepsmotor wordt ongegrond verklaard.