ECLI:NL:CBB:2007:BB4168
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- C.J. Borman
- E.J.M. Heijs
- M.J. Kuiper
- Rechtspraak.nl
Bindende aanwijzing systeemdienstentarief bij elektriciteitsnetbeheer en verbruik
Appellante exploiteert een warmtekrachtcentrale met een eigen 50 kV-net aangesloten op het 150 kV-net van netbeheerder Delta. Dow is aangesloten op het 50 kV-net van appellante en verbruikt de elektriciteit die appellante produceert. Delta bracht sinds 2002 het systeemdienstentarief in rekening bij appellante voor het verbruik van Dow.
Appellante verzocht de directeur DTe om een bindende aanwijzing om Delta te verplichten deze tarieven niet aan haar in rekening te brengen, omdat zij zelf geen elektriciteit verbruikt maar alleen produceert. De directeur DTe wees dit af, en de raad van bestuur van de mededingingsautoriteit handhaafde dit besluit.
Het College oordeelt dat artikel 30, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 duidelijk stelt dat het systeemdienstentarief alleen verschuldigd is door afnemers die zelf elektriciteit verbruiken en een aansluiting hebben op een net. De wetsgeschiedenis biedt onvoldoende aanknopingspunten om dit uit te breiden tot afnemers die alleen produceren en doorleveren. Daarom is het besluit strijdig met artikel 7:12 Awb Pro en wordt het vernietigd.
Het College veroordeelt de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante. Verweerder moet het bezwaar opnieuw beoordelen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd omdat appellante als producent zonder eigen elektriciteitsverbruik geen systeemdienstentarief verschuldigd is.