ECLI:NL:RVS:2026:4155
Raad van State
- Hoger beroep
- E.A. Minderhoud
- N.H. van den Biggelaar
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek omgevingsvergunning herstel keldermuur Utrecht
Appellant, eigenaar van een pand in Utrecht, verzocht het college van burgemeester en wethouders om handhavend op te treden tegen herstelwerkzaamheden aan een keldermuur tussen zijn pand en dat van een derde. Het college wees dit verzoek af, waarna appellant bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde. In hoger beroep bevestigde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State deze uitspraak.
De kern van het geschil betrof de vraag of voor de herstelwerkzaamheden een omgevingsvergunning vereist was. Appellant stelde dat de werkzaamheden een nieuwe constructie betroffen en dus vergunningplichtig waren. De Afdeling oordeelde echter dat het hier ging om herstel in de rechtmatige toestand, waarbij het gebruik van spuitbeton in plaats van steenachtig materiaal niet leidt tot een nieuwe bouwwerkvergunningplicht.
Daarnaast verzocht appellant om een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. De Afdeling stelde vast dat de totale procedure nog binnen de redelijke termijn viel en wees dit verzoek af. De Afdeling besloot het hoger beroep ongegrond te verklaren, de uitspraak van de rechtbank te bevestigen en het verzoek om schadevergoeding af te wijzen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het handhavingsverzoek bevestigd.