ECLI:NL:RVS:2026:2761
Raad van State
- Hoger beroep
- E.A. Minderhoud
- J. Schipper-Spanninga
- J.A.W. Huijben
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voorkeursrecht provincie Groningen voor ontwikkeling bedrijventerrein Oostpolder
Provinciale staten van Groningen hebben een voorlopig voorkeursrecht gevestigd op verschillende percelen in de Oostpolder om de uitbreiding van de Eemshaven met een bedrijventerrein mogelijk te maken. Dit voorkeursrecht is bestendigd na vaststelling van een structuurvisie binnen de wettelijke termijn, ondanks dat het Provinciaal Inpassingsplan pas later werd vastgesteld.
Waddenwind en de maatschappen voerden aan dat het voorkeursrecht vervallen was en dat de toegedachte bestemming van de percelen niet afweek van het huidige gebruik, mede vanwege bestaande windturbines. De Raad van State oordeelde dat het vestigen van het voorkeursrecht op basis van een globaal toekomstbeeld is toegestaan en dat het voorkeursrecht niet van rechtswege is vervallen door de tijdige vaststelling van de structuurvisie.
Verder is geoordeeld dat provinciale staten de provinciale belangen mochten laten prevaleren boven de individuele belangen van de grondeigenaren, en dat het voorkeursrecht slechts een beperkte inbreuk maakt op het eigendomsrecht. De bezwaren van Waddenwind en de maatschappen zijn ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het voorkeursrecht van provinciale staten Groningen en verklaart de hoger beroepen van Waddenwind en de maatschappen ongegrond.