Uitspraak
Datum uitspraak: 8 april 2026
BESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter
griffier
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg legde aan appellant een last onder dwangsom op wegens het plaatsen van plantenbakken, boomstammen en borden op een parkeerstrook die als openbare plaats wordt aangemerkt. De parkeerstrook grenst aan de openbare weg en is sinds 2006 feitelijk openbaar en toegankelijk voor het publiek.
Appellant voerde aan dat de strook particulier eigendom is en niet als openbare plaats kwalificeert, dat de last buiten de verordeningsbevoegdheid valt, te verstrekkend en onevenredig is. De rechtbank oordeelde dat sprake is van een overtreding van artikel 2:10 van Pro de APV en wees het beroep af.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dit oordeel en overweegt dat de parkeerstrook een openbare weg is in de zin van de Wegenwet, en daarmee een openbare plaats in de zin van de Wom en APV. De last is proportioneel, strekt niet verder dan nodig en is niet onevenredig. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dat de parkeerstrook een openbare plaats is en dat de last onder dwangsom terecht is opgelegd wegens overtreding van artikel 2:10 APV.