ECLI:NL:RVS:2025:628
Raad van State
- Hoger beroep
- J.M. Willems
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- J.F. de Groot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering overname private schuld in toeslagenaffaire wegens niet-opeisbaarheid vóór 1 juni 2021
De zaak betreft het hoger beroep van een gedupeerde van de toeslagenaffaire die verzocht om overname van een private schuld van €163.485,55, geleend in Guinese frank. De minister weigerde de overname omdat de schuld niet voldeed aan de wettelijke voorwaarden uit de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht), met name dat de schuld vóór 1 juni 2021 opeisbaar moest zijn.
De rechtbank vernietigde het bezwaarbesluit van de minister wegens onvoldoende onderzoek en motivering omtrent de notariële vastlegging van de schuld. De rechtbank oordeelde echter dat de schuld niet opeisbaar was vóór de wettelijke datum, omdat de schuldbekentenis geen concrete terugbetalingsafspraken bevatte en de ingebrekestelling en dagvaarding pas na 1 juni 2021 dateren.
In hoger beroep heeft de Afdeling dit oordeel bevestigd. Aanvullende documenten zoals een sommatie uit 2019 en een vonnis uit 2023 konden niet aantonen dat de schuld vóór 1 juni 2021 opeisbaar was. Ook een beroep op de hardheidsclausule werd verworpen omdat de gestelde bijzondere omstandigheden onvoldoende concreet en onderbouwd waren.
De Afdeling verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank, waarmee de weigering van de minister tot overname van de schuld in stand blijft.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt de weigering van de minister om de private schuld over te nemen omdat niet is aangetoond dat de schuld vóór 1 juni 2021 opeisbaar was.