ECLI:NL:RVS:2025:4673
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Breda
- M. Soffers
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Intrekking verblijfsvergunning wegens gevaar voor nationale veiligheid door betrokkenheid bij Iraanse hackersgroep
Betrokkenen, Iraanse nationaliteit, kregen hun verblijfsvergunningen regulier voor bepaalde tijd ingetrokken door de minister van Asiel en Migratie vanwege een gevaar voor de nationale veiligheid. Dit was gebaseerd op een individueel ambtsbericht van de AIVD waarin werd gesteld dat betrokkene betrokken was bij de Iraanse statelijke hackersgroep 'MuddyWater'.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkenen gegrond omdat het ambtsbericht onvoldoende inzichtelijk en concludent zou zijn, en oordeelde dat de minister de onderliggende stukken had moeten inzien. De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de onderliggende stukken ingezien en geoordeeld dat het ambtsbericht voldoende wordt gedragen door deze stukken en dat het onderzoek zorgvuldig is uitgevoerd. De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank, verklaart het hoger beroep van de minister gegrond en het incidenteel hoger beroep van betrokkenen niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
De minister mocht de verblijfsvergunningen intrekken en ook de afgeleide vergunningen van de vrouw en het kind. De Raad van State benadrukt het belang van de nationale veiligheid en de rol van de AIVD als bevoegde instantie voor onderzoek naar veiligheidsrisico’s.
De uitspraak bevestigt dat bestuursrechtelijke toetsing in veiligheidszaken zorgvuldig moet plaatsvinden, maar dat vertrouwelijke ambtsberichten onder strikte voorwaarden kunnen worden gebruikt als basis voor besluiten.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank en bevestigt de intrekking van de verblijfsvergunningen wegens gevaar voor de nationale veiligheid.