ECLI:NL:RVS:2025:4556
Raad van State
- Hoger beroep
- M.M. Kaajan
- J. Gundelach
- J.J.W.P. van Gastel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging natuurvergunning voor parkeerterreinen museum Voorlinden wegens onjuiste passende beoordeling
Het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland verleende op 12 oktober 2020 een natuurvergunning aan Stichting Voorlinden voor de aanleg en uitbreiding van parkeerterreinen bij het museum op landgoed Voorlinden, nabij het Natura 2000-gebied Meijendel & Berkheide. Coöperatie Mobilisation for the Environment (MOB) stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat het college ten onrechte alleen de stikstofdepositietoename van de wijziging had beoordeeld en niet de gevolgen van het gehele project na wijziging.
De rechtbank verklaarde het beroep van MOB ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt anders. De Afdeling stelt dat het college onterecht het project heeft opgedeeld en dat de aanvraag betrekking heeft op het gehele project na wijziging, waarbij de gevolgen van het volledige project moeten worden beoordeeld. Tevens is onvoldoende getoetst aan het additionaliteitsvereiste, wat in strijd is met de rechtspraak en de Habitatrichtlijn.
Daarnaast is het besluit onvoldoende gemotiveerd over het maximale gebruik van de parkeerterreinen en de mogelijke stikstofdepositie. De Afdeling vernietigt daarom het besluit van 8 juni 2021 en het oorspronkelijke besluit van 12 oktober 2020, verklaart het beroep van MOB gegrond en beveelt het college een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de juiste beoordelingskaders. Tevens worden proceskosten aan MOB toegekend.
Uitkomst: Het besluit tot verlening van de natuurvergunning wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen met correcte beoordeling van het gehele project en het additionaliteitsvereiste.