ECLI:NL:RVS:2025:3925
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel
De minister van Asiel en Migratie nam bij besluit van 19 augustus 2024 de aanvraag van betrokkene om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen niet in behandeling. Betrokkene stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 5 december 2024 het besluit vernietigde en de minister opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep ongegrond is omdat het geen nieuwe rechtsvragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming. Daarbij verwees de Afdeling naar een eerdere uitspraak over het interstatelijk vertrouwensbeginsel.
De Afdeling bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de minister tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene, die verband houden met de behandeling van het hoger beroep. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer onder leiding van A.J.C. de Moor-van Vugt op 18 augustus 2025.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vernietiging van het besluit en veroordeelt de minister tot vergoeding van proceskosten.