ECLI:NL:RVS:2025:3808
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlenging overdrachtstermijn vreemdeling door minister
De minister van Asiel en Migratie heeft appellant bij brief van 21 februari 2025 geïnformeerd over de verlenging van de overdrachtstermijn met twaalf maanden. Appellant heeft tegen dit verlengingsbesluit beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 26 maart 2025 ongegrond verklaarde.
Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze heeft het hoger beroep beoordeeld en geconcludeerd dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel is gekomen. De motivering van de rechtbank is overgenomen, waarbij is vastgesteld dat het hogerberoepschrift geen nieuwe vragen bevat die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt daarmee de uitspraak van de rechtbank. Tevens is bepaald dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden. De uitspraak is gedaan door een enkelvoudige kamer en uitgesproken in het openbaar op 13 augustus 2025.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verlengingsbesluit van de minister wordt bevestigd.