ECLI:NL:RVS:2025:2793
Raad van State
- Hoger beroep
- M.J.M. Ristra-Peeters
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake onrechtmatige grensdetentie en afwijzing schadevergoeding
De minister van Asiel en Migratie legde op 19 november 2024 een vrijheidsontnemende maatregel op aan betrokkene. Betrokkene stelde beroep in tegen de tenuitvoerlegging van deze maatregel. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep gegrond voor zover het de tenuitvoerlegging betrof en beval wijziging van de tenuitvoerlegging en schadeloosstelling.
De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het Justitieel Complex Schiphol wel degelijk een gespecialiseerde bewaringsaccommodatie is in de zin van de Opvangrichtlijn, waarmee de tenuitvoerlegging van de grensdetentie rechtmatig was.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het hoger beroep gegrond en het beroep alsnog ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen en de minister hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd, het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.