ECLI:NL:RVS:2024:3805
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- B. Meijer
- J.H. van Breda
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens binnenlands beschermingsalternatief
De vreemdeling, geboren in 2005 in Saudi-Arabië met de Somalische nationaliteit, diende in 2021 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees de aanvraag af op grond van het standpunt dat de vreemdeling zich veilig in Mogadishu kon vestigen, een binnenlands beschermingsalternatief.
De rechtbank vernietigde dit besluit omdat de minister volgens haar onvoldoende had gemotiveerd dat de vreemdeling geen reëel risico op ernstige schade liep bij terugkeer naar Mogadishu, mede omdat de vreemdeling familie heeft in Heraale, een gebied onder controle van Al-Shabaab, en niet in Mogadishu.
De minister stelde hoger beroep in en voerde aan dat Mogadishu wel degelijk een veilig alternatief is, dat de vreemdeling daar eerder heeft verbleven en dat hij geen persoonlijk risico loopt op ernstige schade. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte een motiveringsgebrek had vastgesteld en dat de minister zich deugdelijk had gemotiveerd.
Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het eerdere besluit vernietigd en de minister opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister is gegrond verklaard en de zaak terugverwezen voor een nieuw besluit met inachtneming van de overwegingen.