ECLI:NL:RVS:2024:3400
Raad van State
- Herziening
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening inzake inkomenstoets en toevoegingen gesubsidieerde rechtsbijstand
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het verzoek om herziening van een eerdere uitspraak afgewezen. Het verzoek betrof de bevestiging van de correcte vaststelling van het inkomen van verzoeker in de peiljaren 2015, 2016 en 2020, en de daarop gebaseerde intrekking van toevoegingen voor gesubsidieerde rechtsbijstand en het opleggen van een eigen bijdrage.
Verzoeker stelde dat hij nooit toevoegingen had aangevraagd en dat de bewijslast daarom omgekeerd moest worden. Hij voerde aan dat de zaak aangehouden moest worden en door een meervoudige kamer behandeld. De Afdeling oordeelde dat het bijzondere rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is om het geschil opnieuw te behandelen of gronden opnieuw aan te voeren.
Omdat verzoeker geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd die aan de cumulatieve criteria van artikel 8:119, eerste lid, Awb voldeden, werd het verzoek afgewezen. Ook was er geen aanleiding voor aanhouding of behandeling door een meervoudige kamer. De Afdeling bevestigde dat de raad het inkomen correct had vastgesteld en dat de intrekking van toevoegingen en de eigen bijdrage terecht waren opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen omdat niet is voldaan aan de vereisten van artikel 8:119 Awb.