ECLI:NL:RVS:2024:2208
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging niet-ontvankelijkheidsbesluit verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid verklaarde op 24 juni 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verkrijgen niet-ontvankelijk. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 4 augustus 2022 het besluit vernietigde en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat de vreemdeling voldoende tegenbewijs had geleverd dat de geschetste toegangsmogelijkheden tot Georgië niet voor hem van toepassing zijn en dat hij inspanningen heeft verricht om daadwerkelijk toegang te verkrijgen.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 875,00 die verband houden met de behandeling van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.