ECLI:NL:RVS:2024:2206
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- B. Meijer
- J.M. Willems
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing machtiging voorlopig verblijf
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 19 februari 2021 een aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) af. De vreemdeling maakte bezwaar, dat op 18 januari 2022 ongegrond werd verklaard. De motivering van dit besluit werd op 25 januari 2023 aangevuld. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het bezwaarbesluit en bepaalde dat de staatssecretaris de mvv moest verlenen.
De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte zelf in de zaak heeft voorzien en de belangenafweging heeft getoetst, waardoor de staatssecretaris niet de kans kreeg zijn standpunt te motiveren. Hoewel de rechtbank terecht constateerde dat de motivering van de staatssecretaris onvoldoende was, leidt dit niet tot vernietiging van de uitspraak.
De Afdeling vernietigt daarom het gedeelte van de uitspraak waarin de rechtbank het besluit herroept en de mvv oplegt. De staatssecretaris krijgt de opdracht binnen twaalf weken een nieuw besluit op bezwaar te nemen en dit op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken. De overige onderdelen van de uitspraak van de rechtbank blijven in stand.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd voor zover het besluit tot afwijzing van de mvv wordt herroepen en de staatssecretaris krijgt opdracht binnen twaalf weken een nieuw besluit te nemen.