ECLI:NL:RVS:2024:1295
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- A. Kuijer
- G.O. van Veldhuizen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor droogzetvoorziening bij stuw Junne ondanks bezwaren over natuurbescherming en trillingsschade
Het college van burgemeester en wethouders van Ommen verleende een omgevingsvergunning aan het waterschap Vechtstromen voor het bouwen van een permanente droogzetvoorziening nabij de stuw Junne. De Stichting Leefbaar Buitengebied en anderen maakten bezwaar en voerden beroep in tegen deze vergunning, onder meer vanwege vermeende schendingen van de Wet natuurbescherming en mogelijke trillingsschade aan omliggende woningen.
De rechtbank oordeelde deels in het voordeel van de stichting en anderen, maar liet de vergunning in stand. In hoger beroep betoogden de appellanten dat het college onterecht geen vergunning of ontheffing op grond van de Wet natuurbescherming had verlangd (aanhaakplicht), dat de vergunning in strijd was met het bestemmingsplan en dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan naar trillingsschade.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat de aanhaakplicht niet van toepassing was omdat de stikstofdepositie geen significante gevolgen voor het Natura 2000-gebied oplevert en dat de bouw van de droogzetvoorziening geen overtreding van de verbodsbepalingen voor beschermde vogelsoorten oplevert. Ook werd geoordeeld dat het college zich terecht op een deskundigenadvies over trillingsschade mocht baseren. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning voor de droogzetvoorziening wordt bevestigd.