ECLI:NL:RVS:2023:2182
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel wegens onrechtmatigheid overdracht Italië
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam op 30 januari 2023 het besluit om de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdeling, mede namens haar minderjarige kind, stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep ongegrond verklaarde op 2 maart 2023.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Raad van State. Zij stelde dat de rechtbank ten onrechte oordeelde dat de circulaire van de Italiaanse autoriteiten van 5 december 2022 een tijdelijk feitelijk overdrachtsbeletsel vormt en dat Italië nog steeds de verantwoordelijke lidstaat is. De Afdeling bestuursrechtspraak concludeerde op basis van eerdere uitspraken dat er een reëel risico bestaat dat Dublinclaimanten in Italië in een toestand van ernstige materiële deprivatie terechtkomen, waardoor het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt.
De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd dat Italië nog aan zijn internationale verplichtingen voldoet. Hierdoor was het besluit onrechtmatig. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd, het beroep gegrond verklaard en het besluit van 30 januari 2023 vernietigd. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €1.674,00.
Uitkomst: Het besluit van 30 januari 2023 om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is vernietigd wegens onrechtmatigheid.