Uitspraak
Datum uitspraak: 7 juni 2023
BESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam verleende op 22 juni 2022 een omgevingsvergunning voor het verplanten van zeven platanen nabij het Delftseplein in Rotterdam, in samenhang met de aanwijzing van het project Tree House als stedelijk project van groot openbaar belang. Stichting de Bomenridders en andere appellanten stelden beroep in tegen deze besluiten. Zij voerden onder meer aan dat de toepassing van afdeling 3.4 van de Awb onjuist was, dat de bomen 1 tot en met 6 ten onrechte niet als monumentaal werden aangemerkt, dat het onderzoek naar beschermde soorten onvoldoende was en dat de belangen van omwonenden en milieu onvoldoende waren meegewogen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college terecht toepassing gaf aan afdeling 3.4 van de Awb, gelet op de status van het project als lokaal project met nationale betekenis volgens de Crisis- en herstelwet. De terinzagelegging en behandeling van zienswijzen voldeden aan de wettelijke eisen. De Afdeling stelde vast dat alleen boom 7 als monumentale boom is aangemerkt op basis van de criteria in de Bomenstructuurvisie, waarbij het leeftijdsonderzoek door Terra Nostra als betrouwbaar werd beoordeeld ondanks tegenonderzoek. De aanwijzing van het project Tree House als stedelijk project van groot openbaar belang was voldoende gemotiveerd met dwingende redenen van groot openbaar belang.
Verder oordeelde de Afdeling dat het college terecht geen aanvullende voorschriften aan de vergunning verbond over het verplanten van de bomen, dat het onderzoek naar beschermde soorten adequaat was en dat de gevolgen voor bomen buiten de vergunning niet aan de orde konden komen. De beroepen tegen zowel de omgevingsvergunning als het aanwijzingsbesluit werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen tegen de omgevingsvergunning en het aanwijzingsbesluit zijn ongegrond verklaard.