ECLI:NL:RVS:2023:2113
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke handhaving tegen bewoning caravan op groenstrook in Haarlem
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem heeft op 1 december 2020 een last onder bestuursdwang opgelegd aan appellant om een caravan van een groenstrook te verwijderen, omdat het plaatsen en bewonen daarvan in strijd is met het bestemmingsplan Europawijk en de APV. Appellant, die in de caravan woonde, maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het handhavingsbesluit.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Appellant voerde aan dat er sprake was van concreet zicht op legalisatie vanwege gemeentelijk beleid voor woonwagens, dat het college een gedoogbeleid voerde, dat het vertrouwensbeginsel van toepassing was, dat het evenredigheidsbeginsel werd geschonden en dat de begunstigingstermijn te kort was.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat er geen concreet zicht op legalisatie bestond omdat er geen ontwerpbestemmingsplan of concept-vergunning ter inzage lag. Ook was er geen sprake van toezeggingen of gedragingen van het college die een gerechtvaardigd vertrouwen op gedogen rechtvaardigen. Het evenredigheidsbeginsel werd niet geschonden omdat het college het algemeen belang bij handhaving mocht laten prevaleren en de last slechts zag op het verwijderen van de caravan buiten het woonwagenkamp.
De begunstigingstermijn van vijf weken werd als redelijk beoordeeld omdat appellant binnen die termijn de overtreding kon beëindigen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de last onder bestuursdwang tot verwijdering van de caravan is bevestigd.