ECLI:NL:RVS:2023:1804
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit en oplegging dwangsom wegens niet tijdig nemen nieuw besluit asielaanvraag
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 14 april 2021 de asielaanvraag van de vreemdeling af. De rechtbank verklaarde dit besluit op 4 januari 2022 gegrond en vernietigde het, met de opdracht een nieuw besluit te nemen. De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar dit werd ongegrond verklaard. Daarnaast stelde zij beroep in tegen het niet tijdig nemen van een nieuw besluit, wat gegrond werd verklaard.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de staatssecretaris de wettelijke beslistermijn van zes maanden had overschreden en dat de vreemdeling geen recht had op een bestuurlijke dwangsom vanwege de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND. Wel werd een termijn van acht weken gesteld waarbinnen een nieuw besluit moet worden genomen, met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding, tot een maximum van €15.000.
De staatssecretaris werd tevens veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling. De uitspraak bevestigt de eerdere vernietiging en benadrukt het belang van een voortvarende behandeling van asielaanvragen, mede gezien het verbod op refoulement.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt de vernietiging van het besluit en legt een dwangsom op voor het niet tijdig nemen van een nieuw besluit binnen acht weken.