ECLI:NL:RVS:2023:1050
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last onder dwangsom wegens onvoldoende onderbouwing brandveiligheidsplicht
Het college van burgemeester en wethouders van Hellendoorn legde op 1 oktober 2019 aan appellant een last onder dwangsom op om binnen acht weken maatregelen te treffen die de brandwerendheid van doorvoeringen en de verdiepingsvloer in een pand te Nijverdal waarborgen volgens het Bouwbesluit 2012. Na bezwaar wijzigde het college de last bij besluit van 20 februari 2020, waarbij het zich baseerde op een rapport van Efectis van 14 februari 2020.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond, maar appellant stelde hoger beroep in. De Afdeling bestuursrechtspraak constateerde dat het college appellant niet heeft gehoord over het deskundigenrapport, wat in strijd is met artikel 7:9 van Pro de Awb. Daarnaast concludeerde de Afdeling dat het college onvoldoende heeft aangetoond dat er daadwerkelijk een overtreding was, omdat het rapport van Efectis slechts verwachtingen en veronderstellingen bevatte zonder feitelijke vaststelling van de brandwerendheid.
De Afdeling vernietigde daarom het besluit van 20 februari 2020 en verklaarde het hoger beroep gegrond. De eerdere last onder dwangsom van 1 oktober 2019 werd geacht te zijn herroepen. De procedure eindigt daarmee zonder dat appellant nog verplichtingen heeft. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het besluit van 20 februari 2020 wordt vernietigd en het hoger beroep van appellant wordt gegrond verklaard.