ECLI:NL:RVS:2022:559
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging handhavingsbesluit hekwerk bij woning 'Russisch Paleisje' te Amersfoort
Appellant heeft in 1991/1992 een woning laten bouwen te Amersfoort, bekend als het 'Russisch Paleisje', inclusief een hekwerk rondom de woning. Het college van burgemeester en wethouders legde appellant een last onder dwangsom op om een deel van het hekwerk te verwijderen, omdat dit zonder vergunning op gemeentelijke grond zou zijn gebouwd. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat het hekwerk niet vergund was.
In hoger beroep stelde appellant dat het hekwerk wel degelijk onderdeel was van de bouwvergunning uit 1990, omdat de tekeningen waarop het hekwerk stond afgebeeld onderdeel waren van de vergunning. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat deze tekeningen inderdaad onderdeel waren van de vergunning en dat het hekwerk dus vergund was. Hierdoor was er geen sprake van een overtreding.
Daarnaast beoordeelde de Afdeling de handhaving op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Hoewel het hekwerk zonder vergunning op een openbare plaats stond, achtte de Afdeling bijzondere omstandigheden aanwezig, zoals de lange aanwezigheid van het hekwerk, het ontbreken van hinder voor derden en het belang van het hekwerk voor het architectonische concept van het internationaal bekende 'Russisch Paleisje'. Hierdoor moest van handhaving worden afgezien.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het handhavingsbesluit voor zover het het hekwerk betrof, en herroept de last onder dwangsom. De handhavingsprocedure is daarmee beëindigd.
Uitkomst: Het handhavingsbesluit tegen het hekwerk wordt vernietigd en de last onder dwangsom komt te vervallen.