ECLI:NL:RVS:2022:3968
Raad van State
- Hoger beroep
- E.J. Daalder
- B.P.M. van Ravels
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep tegen besluit tegemoetkoming planschade
Het college van burgemeester en wethouders van Oss stelde aanvankelijk een aanvraag om tegemoetkoming in planschade van een erfgenaam buiten behandeling omdat deze niet zelfstandig bevoegd zou zijn. Na bezwaar werd dit besluit herroepen en de aanvraag alsnog in behandeling genomen. De rechtbank verklaarde het beroep van de broer van de aanvrager niet-ontvankelijk omdat hij geen belanghebbende zou zijn bij dat besluit.
In hoger beroep stelde de broer dat hij wel belanghebbende was vanwege een met de gemeente gesloten planschadeovereenkomst en dat de rechtbank ten onrechte zijn beroep niet-ontvankelijk had verklaard. De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat het besluit van 8 september 2020 wel een besluit in de zin van de Awb is waarbij de broer belanghebbende is.
De Afdeling beoordeelde vervolgens inhoudelijk de gronden van het beroep en oordeelde dat het college niet onrechtmatig had gehandeld door de aanvraag alsnog in behandeling te nemen en dat de broer niet was benadeeld door het niet direct informeren of het niet verstrekken van het besluit. Het beroep werd ongegrond verklaard. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het besluit om de aanvraag tegemoetkoming planschade alsnog in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard.