ECLI:NL:RVS:2022:2083
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering inschrijving voertuig wegens diefstalsignalering in Schengeninformatiesysteem
Appellant verzocht om inschrijving en tenaamstelling van een Mercedes C220 CDI AMG-Line in het Nederlandse kentekenregister. De RDW weigerde dit op grond van een diefstalsignalering in het Schengeninformatiesysteem (SIS), bevestigd door de Franse autoriteiten. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De kern van het geschil betreft de uitleg van de Kentekenbewijzenrichtlijn en de bevoegdheid van de RDW om een kentekenbewijs van een andere lidstaat te erkennen. Hoewel appellant stelt dat de RDW zonder meer het Duitse kentekenbewijs had moeten erkennen, oordeelt de Raad dat de RDW op grond van artikel 9 van Pro de richtlijn gerechtigd is SIS te raadplegen om de rechtstoestand van het voertuig te controleren.
De RDW hoefde niet inhoudelijk te toetsen of de diefstalsignalering terecht was, aangezien dit de verantwoordelijkheid is van de signalerende lidstaat. De Raad benadrukt dat de weigering niet oneindig kan duren, gelet op het recht op eigendom uit het Handvest van de EU. De Afdeling bestuursrechtspraak concludeert dat de RDW de aanvraag terecht heeft afgewezen en het hoger beroep ongegrond is.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de RDW om het voertuig in te schrijven vanwege een geldige diefstalsignalering in SIS.