ECLI:NL:RVS:2022:2014
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens gewijzigde situatie Afghanistan
De vreemdeling, afkomstig uit Afghanistan, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris op 4 mei 2021 werd afgewezen. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze afwijzing ongegrond. De vreemdeling stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
In de tussentijd was in Afghanistan een ingrijpende regimewissel opgetreden, waarbij de taliban aan de macht kwamen. Dit bracht onzekerheid met zich mee over de gevolgen voor de vreemdeling bij terugkeer naar Afghanistan. De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris deze gewijzigde situatie in zijn besluitvorming had moeten betrekken.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van 4 mei 2021, en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de gewijzigde situatie in Afghanistan. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwd onderzoek met inachtneming van de gewijzigde situatie in Afghanistan.