ECLI:NL:RBDHA:2023:21288
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende motivering over risico’s terugkeer naar Afghanistan
Eiser, van Afghaanse nationaliteit, verzocht op 30 september 2021 om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder wees dit op 30 maart 2023 af, mede vanwege eerdere strafrechtelijke veroordelingen en het standpunt dat Afghanistan geen onveilig land is voor terugkeer. Eiser vreesde vervolging door de Taliban vanwege zijn Tadzjiekse etniciteit, langdurig verblijf in Nederland en gebrekkige beheersing van Dari.
De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd is, vooral omdat niet duidelijk is of Afghanen met een lange westerse verblijfsperiode en beperkte taalvaardigheid daadwerkelijk risico lopen bij terugkeer. De rechtbank erkent dat de situatie in Afghanistan sinds de Taliban-machtswisseling is veranderd en dat informatie over teruggekeerde Afghanen uit westerse landen ontbreekt.
De rechtbank vernietigt het besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met deze uitspraak. Tevens veroordeelt zij verweerder tot betaling van proceskosten aan eiser. De rechtbank wijst erop dat eiser geen politieke of godsdienstige overtuiging heeft die zijn westerse levensstijl onderbouwt, maar dat dit niet betekent dat hij zonder meer kan worden teruggestuurd zonder risico op onmenselijke behandeling.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de asielaanvraag wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering over de risico’s van terugkeer naar Afghanistan.