ECLI:NL:RVS:2021:846
Raad van State
- Hoger beroep
- H.C.P. Venema
- G.T.J.M. Jurgens
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing watervergunning voor afmeerpalen Heerewaarden-Lithse Ham
Stichting Heerewaardevol vroeg een watervergunning aan voor het vervangen van vier stalen afmeerpalen door hardhouten palen op een perceel in de Maas. De minister stelde het verzoek aanvankelijk buiten behandeling, maar verleende later alsnog een vergunning. Scheepswerf Heerewaarden B.V. stelde beroep in tegen deze vergunning, waarop de rechtbank de vergunning vernietigde en het bezwaar van Stichting Heerewaardevol niet-ontvankelijk verklaarde.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat Stichting Heerewaardevol geen belanghebbende was bij de aanvraag. De Afdeling stelt dat er geen reden was om aan te nemen dat privaatrechtelijke toestemming niet verkregen kon worden, zodat de minister het bezwaar terecht in behandeling heeft genomen en de vergunning mocht verlenen.
Daarnaast heeft de Afdeling het beroep van Scheepswerf Heerewaarden B.V. ongegrond verklaard, onder meer omdat privaatrechtelijke belemmeringen geen grond zijn voor weigering van een watervergunning op grond van de Waterwet. De Afdeling verklaart het hoger beroep van Stichting Heerewaardevol gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en laat het besluit van de minister van 23 april 2018 in stand. De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van Stichting Heerewaardevol wordt gegrond verklaard en het beroep van Scheepswerf Heerewaarden B.V. ongegrond, waardoor de watervergunning van 23 april 2018 in stand blijft.