ECLI:NL:RVS:2021:2749
Raad van State
- Hoger beroep
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake weigering omgevingsvergunning dakterras Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag wees de aanvraag van appellante voor een omgevingsvergunning voor een dakterras op de achtergevel van haar woning af, omdat dit in strijd was met het bestemmingsplan en het college geen afwijking wilde toestaan. Appellante stelde dat de rechtbank onterecht uitspraak deed zonder haar toestemming voor het achterwege laten van de zitting, wat de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde en de uitspraak van de rechtbank vernietigde.
De Afdeling oordeelde dat het college in redelijkheid mocht besluiten geen omgevingsvergunning te verlenen vanwege privacybelangen en het voorkomen van precedentwerking. Het argument dat een eerder verleende vergunning op een ander adres een fout was, werd door de Afdeling niet gevolgd, mede omdat die vergunning niet in strijd was met het toen geldende bestemmingsplan.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank, en verklaarde het beroep van appellante tegen het besluit op bezwaar ongegrond. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en werd het griffierecht aan appellante terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen het besluit op bezwaar wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.