ECLI:NL:RVS:2021:1878
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H.G. Sevenster
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit vermelding verkeerde nationaliteit vreemdeling in asielprocedure
De vreemdeling, afkomstig uit Syrië en van Palestijnse afkomst, had een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris werd ingewilligd met de vermelding dat hij de Syrische nationaliteit bezit. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze vermelding niet-ontvankelijk, omdat hij geen belang zou hebben bij wijziging van de nationaliteit. De vreemdeling stelde in hoger beroep dat de vermelding onjuist was en dat het van belang is om de juiste nationaliteit vast te stellen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de vreemdeling niet als staatloos kan worden aangemerkt omdat hij niet de vereiste documenten heeft overgelegd, maar dat de staatssecretaris ten onrechte heeft geconcludeerd dat hij de Syrische nationaliteit bezit. Uit het overgelegde familieboekje van de UNRWA blijkt dat hij Palestijn is zonder Syrische nationaliteit. De Afdeling vernietigt daarom het besluit voor zover de verkeerde nationaliteit is vermeld.
De rechtsgevolgen van het besluit blijven ongewijzigd en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling. De uitspraak benadrukt het belang van correcte vaststelling van nationaliteit in asielprocedures en dat het belang van de vreemdeling bij correcte registratie erkend moet worden.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris wordt vernietigd voor zover de vermelding van de Syrische nationaliteit onjuist is, met behoud van de overige rechtsgevolgen en vergoeding van proceskosten.