ECLI:NL:RVS:2020:3104
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- J.Th. Drop
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtskarakter noodbevel versus noodverordening bij Landelijke Intocht Sinterklaas Dokkum
Op 17 november 2017 stelde de burgemeester van Noardeast-Fryslân regels vast ter voorbereiding op de Landelijke Intocht Sinterklaas (LIS) in Dokkum op 18 november 2017. Stichting NLWB had een demonstratie aangekondigd en er was informatie over mogelijke verstoringen van de openbare orde. De burgemeester nam daarom een besluit dat personen die aanleiding gaven tot wanordelijkheden konden worden bevolen zich te verwijderen.
De burgemeester verklaarde de bezwaren van stichting NLWB niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belanghebbendheid. De rechtbank oordeelde dat het besluit een noodverordening was en geen noodbevel, waardoor bezwaar en beroep niet mogelijk waren, en vernietigde het besluit van 20 december 2018 dat de bezwaren niet-ontvankelijk verklaarde, maar liet de rechtsgevolgen van dat besluit in stand.
Stichting NLWB stelde dat het besluit een noodbevel was en dat de rechtbank ten onrechte het besluit als noodverordening had gekwalificeerd. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het besluit geen ad hoc karakter had, een algemeen verbindend voorschrift was en herhaalde toepassing mogelijk maakte. De Afdeling bevestigde het oordeel van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
De Afdeling overwoog dat het ontbreken van bezwaar- en beroepsmogelijkheden tegen een noodverordening niet in strijd is met het EVRM en het EU-Handvest, omdat de rechtmatigheid ook bij de burgerlijke rechter kan worden getoetst. De Afdeling wees het betoog van stichting NLWB af dat zij hierdoor effectieve rechtsbescherming werd onthouden.
De Afdeling concludeerde dat het besluit terecht als noodverordening is aangemerkt, waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk is, en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland.
Uitkomst: Het hoger beroep van stichting NLWB wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.