ECLI:NL:RVS:2020:2140
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- E. Steendijk
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen niet-behandeling asielaanvragen na intrekking besluiten
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid had op 19 juli 2019 besluiten genomen om de asielaanvragen van de vreemdelingen niet in behandeling te nemen. De vreemdelingen stelden beroep in bij de rechtbank, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd hoger beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Tijdens het hoger beroep trok de staatssecretaris de besluiten in en nam de asielaanvragen alsnog in behandeling, omdat de overdrachtstermijn van de Dublinverordening was verstreken. Hierdoor verloren de vreemdelingen hun belang bij een inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep.
De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is wegens het ontbreken van belang. Ook werd overwogen dat de staatssecretaris niet tot vergoeding van proceskosten kan worden veroordeeld, omdat het in behandeling nemen van de aanvragen een veranderde omstandigheid betreft die zich ten tijde van het besluit niet voordeed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de asielaanvragen alsnog in behandeling zijn genomen.