ECLI:NL:RVS:2020:1181
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over vergunningplicht voor aanleg uitweg in Schijndel
Het college van burgemeester en wethouders van Meierijstad verleende op 18 september 2018 een omgevingsvergunning aan een belanghebbende voor het maken van een uitweg aan de achterzijde van een perceel in Schijndel. Na bezwaar van appellanten werd dit besluit ingetrokken omdat het volgens het college niet om een uitweg, maar om een pad ging, waarvoor geen vergunning vereist is.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Raad van State. Appellanten stelden dat het college ten onrechte het plaatsen van een poort en verharding niet als een uitweg kwalificeerde, verwijzend naar eerdere jurisprudentie waarin een dergelijke voorziening wel vergunningplichtig werd geacht.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de poort van 1 meter breed niet geschikt is voor voertuigen op meer dan twee wielen en daarom geen vergunningplichtige inrit of uitweg vormt volgens de Beleidsnotitie en de APV. De voorzieningen zijn hooguit een pad waarvoor geen vergunning nodig is. De eerdere uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.