ECLI:NL:RVS:2019:47
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade wegens verwevenheid planologische besluiten
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de afwijzing van zijn verzoek om tegemoetkoming in planschade door het college van Lochem. Appellant kocht een perceel met woning nabij de locatie waar het museum MORE en een parkeervoorziening werden gerealiseerd. Hij stelde dat hij door twee omgevingsvergunningen en een nieuw bestemmingsplan planschade had geleden.
Het college en de rechtbank oordeelden dat de omgevingsvergunningen en het bestemmingsplan als één planologisch regime moeten worden beschouwd. De SAOZ taxeerde het nadeel van de vergunningen op € 25.000 en het voordeel van het bestemmingsplan op € 100.000, wat per saldo een voordeel oplevert. Appellant betwistte de verwevenheid van de besluiten en voerde aan dat de vergunningen los van het bestemmingsplan waren verleend.
De Afdeling overwoog dat de vergunningen anticiperen op het nieuwe bestemmingsplan en dat beide besluiten nauw verweven zijn. De omgevingsvergunningen maakten het museum juridisch mogelijk zonder te wachten op het bestemmingsplan, dat het oude plan actualiseerde. De Afdeling verwierp het betoog van appellant en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade wordt bevestigd.