ECLI:NL:RVS:2019:4182
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A. Hagen
- R.J.J.M. Pans
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak over herziening leerlinggegevens en bekostiging basisscholen ASKO
De zaak betreft het hoger beroep van ASKO tegen besluiten van de minister van Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media over de herziening van leerlinggegevens en de daarop gebaseerde bekostiging van basisscholen die ASKO bestuurt.
De minister had op grond van onderzoek van Deloitte fouten geconstateerd in de vaststelling van leerlinggewichten op diverse teldatums (1 oktober 2013, 2014, 2015 en 2016). Op basis hiervan werden de leerlinggegevens en bekostiging herzien en bij besluiten op bezwaar gehandhaafd. De rechtbank verklaarde de beroepen van ASKO ongegrond, onder meer omdat de minister mocht uitgaan van de vastgestelde leerlinggewichten van 2013 voor latere jaren en de herzieningen op grond van artikel 4:49 Awb Pro rechtmatig waren.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de leerlinggewichten op latere teldatums niet meer betwist konden worden en vernietigt de uitspraak voor de zaken 17/2604 en 18/36. De Afdeling bevestigt echter het oordeel dat de minister de bekostiging terecht heeft herzien op grond van artikel 4:49 Awb Pro. Voor zaak 18/374 blijft de uitspraak van de rechtbank in stand. Tevens wordt de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan ASKO.
Uitkomst: Het hoger beroep van ASKO wordt deels gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Amsterdam vernietigd voor de zaken 17/2604 en 18/36, met behoud van rechtsgevolgen en bevestiging van de uitspraak voor zaak 18/374.