ECLI:NL:RVS:2019:2847
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A. Hagen
- J. Kramer
- A. Kuijer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen plaatsing mail op gemeentelijke website
Appellant stuurde op 20 februari 2017 een mail aan de raadsleden van Oldenzaal, die vervolgens op de gemeentelijke website werd geplaatst. Appellant maakte bezwaar tegen deze plaatsing, maar het college verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk. De rechtbank Overijssel verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Tegen deze uitspraak stelde appellant hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of het plaatsen van de mail op de gemeentelijke website een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is, waartegen bezwaar en beroep mogelijk zijn, of een feitelijke handeling. De Afdeling overwoog dat het plaatsen van de agenda en bijbehorende stukken op grond van artikel 19, tweede lid, van de Gemeentewet een feitelijke handeling betreft en geen besluit. Het college hoefde daarom het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren.
Appellant voerde verder aan dat het college een procedurele fuik had gecreëerd door het bezwaar niet inhoudelijk te behandelen, maar ook dit betoog werd verworpen. De Afdeling concludeerde dat het college in redelijkheid het bezwaar als zodanig mocht aanmerken en dat er geen sprake was van een fuik.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.