Uitspraak
Datum uitspraak: 24 juli 2019
BESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter griffier
Raad van State
De raad van de gemeente Leiden stelde op 28 september 2017 het bestemmingsplan "Binnenstad" gewijzigd vast, dat een actuele juridische regeling voor de binnenstad binnen de Singels van Leiden bevat. Diverse appellanten, waaronder bedrijven, verenigingen en particulieren, stelden beroep in tegen dit besluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beoordeelde de ontvankelijkheid van de beroepen en de inhoudelijke gronden. Zo werd het beroep van een appellant niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang. Andere beroepen werden gegrond verklaard, onder meer omdat het plan onzorgvuldig was voorbereid, zoals bij de bestemming van een ligplaats voor bedrijfsvaartuigen die ook rondvaartboten toestaat zonder deugdelijke motivering.
Verder werd vastgesteld dat de aanduiding "terras" nabij een horecaonderneming onterecht was opgenomen gezien de vernietiging van de omgevingsvergunning en het ontbreken van een definitief rapport over doorvaarbaarheid. Ook werden bouwvlakken en goothoogtes voor bepaalde percelen niet correct vastgesteld. De Afdeling bepaalde dat de raad de gebreken binnen vier weken moet herstellen en bepaalde zelf de juiste bouwhoogtes voor een deel van de percelen. Diverse beroepen werden ongegrond verklaard en de raad werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan een appellant.
Uitkomst: De Afdeling vernietigt delen van het bestemmingsplan Binnenstad Leiden en draagt de raad op de gebreken binnen vier weken te herstellen.